Plaagdieren en ongedierte
Heeft u last van ongedierte? Zoals ratten, wespen of andere dieren? Vaak kunt u dit zelf bestrijden. Soms is de gemeente de bestrijder. Dit is afhankelijk van het dier en waar de overlast plaatsvindt. Neem gerust contact met ons op. Wij kunnen u adviseren.
Overlast voorkomen
Door onze woonomgeving netjes te houden, dragen we allemaal bij aan het voorkomen van overlast door ongedierte:
- Gooi uw afval weg in een gesloten afvalcontainer en laat het niet rondzwerven.
- Zorg dat voedselresten niet bereikbaar zijn voor plaagdieren.
- Houd uw tuin en erf opgeruimd.
Steeds meer inwoners willen zwerfafval in hun omgeving opruimen. U kunt daarvoor grijpers lenen en gratis afvalzakken krijgen. Kijk voor meer informatie op de pagina over zwerfafval.
Plaagdieren
Hieronder leest u meer over de meest voorkomende soorten plaagdieren.
Ratten en muizen
Ratten en muizen kunnen veel overlast veroorzaken. Meld waarnemingen van ratten bij de gemeente, dit kan via Fixi. Op uw eigen terrein bent u zelf verantwoordelijk voor de bestrijding. U vindt tips op de website van Milieu centraal.
Steenmarters (en andere marterachtigen)
Marters zijn een beschermde diersoort. Wij mogen als gemeente zowel binnen als buiten de bebouwde kom geen maatregelen nemen. Er kan een ontheffing verleend worden in uitzonderlijke gevallen, maar alleen als er aan strikte voorwaarden wordt voldaan. Deze ontheffing kan worden verleend door de provincie.
Voor het voorkomen en verjagen van (steen)marters op of in private eigendommen, zoals uw huis of auto, bent u zelf verantwoordelijk. U vindt hiervoor tips op de website van de Marterstichting.
Wespen
Wespennesten in de openbare ruimte worden alleen weggehaald als ze gevaar opleveren voor de directe omgeving. U kunt dit melden via Fixi of telefonisch doorgeven. Voor wespennesten in uw huis of tuin bent u zelf verantwoordelijk om te bestrijden. U vindt hiervoor tips op de website van de Wespenstichting.
Hoornaars
Sinds 2017 komt de Geelpoothoornaar (ook bekend als Aziatische hoornaar) voor in Nederland. Deze hoornaar is 2 tot 3 cm groot, en bijna volledig zwart met een brede oranje band op zijn achterlijf. De afgelopen jaren is deze soort flink in aantal toegenomen en het is ondenkbaar dat deze soort ooit nog uit Nederland gaat verdwijnen. De komende jaren zal de populatie hoogstwaarschijnlijk blijven groeien, totdat er een ecologisch evenwicht ontstaat.
Geelpoothoornaar
De Geelpoothoornaar maakt jaarlijks twee nesten:
- Één voorjaarnest: op lage en beschutte plekken, zoals in een spouw, schuur, afdak of vogelhuisje.
- Één zomernest: meestal hoog in een boom. Deze worden vaak pas zichtbaar wanneer de bladeren van de bomen vallen. In deze periode neemt de activiteit af.
Wanneer verwijderen wij deze nesten?
We verwijderen alleen nesten in de openbare ruimte in de periode april tot en met november. Een nest wordt verwijderd wanneer het:
- binnen 100 meter ligt van speeltuinen, sportvelden, schoolpleinen of evenementen hangt
- lager dan 3 meter boven de grond hangt.
Heeft u een nest op van de Geelpoothoornaar op eigen terrein?
Meld het nest via de FIXI-app. Binnen onze gemeente zijn imkers actief die kleine nesten van de Geelpoothoornaar kosteloos verwijderen. Komt het nest hiervoor in aanmerking, dan ontvangt u van ons de contactgegevens van een imker en kunt u hen benaderen. De imker beoordeelt vervolgens of het nest veilig en verantwoord verwijderd kan worden.
Het kan voorkomen dat een nest niet wordt verwijderd, bijvoorbeeld omdat het moeilijk bereikbaar is, te groot is of niet om een nest van de Geelpoothoornaar blijkt te gaan. In dat geval dient u zelf verdere stappen te ondernemen, bijvoorbeeld het inschakelen van een professioneel plaagdierbestrijdingsbedrijf.
Wat kunt u doen als u een nest ziet?
Denkt u een nest te zien dat aan bovenstaande criteria voldoet?
- Verwijder het nest nooit zelf.
- Meld het aan ons via de FIXI-app, zodat wij u veilig kunnen helpen.
- Een medewerker van de buitendienst beoordeelt over wat voor soort nest het gaat en of er maatregelen genomen moeten worden.
- Als het nest wordt verwijderd, gebeurt dat door onze buitendienst.
Voor een eventuele verwijdering op eigen terrein bent u zelf verantwoordelijk. Schakel daarvoor wel (professionele) hulp in. Goed om te weten: de hoornaars zijn in de winter niet actief. Ze gebruiken hun nest maar één keer en keren dus niet terug naar hetzelfde nest.
Waarom deze aanpak?
Provincie Limburg heeft tot en met 2024 alle gemelde nesten laten verwijderen. Toch bleef de populatie jaarlijks toenemen. Daarom heeft de provincie besloten dat deze hoornaar vanaf 2025 niet langer bestreden hoeft te worden, maar dat de populatie beheersbaar moet blijven. Dit betekent ook dat de verantwoordelijkheid voor eventuele verwijdering nu bij de terreineigenaar is komen te liggen.
Mieren
Nesten van mieren in de openbare ruimte worden alleen weggehaald als ze schade aanrichten aan de openbare ruimte (bijvoorbeeld bij verzakkingen). Voor overlast van mieren in uw huis of tuin bent u zelf verantwoordelijk. U vindt tips op de website van Milieu centraal.
Vliegen
Ook in onze gemeente ervaren inwoners op sommige plekken en tijdens bepaalde periodes van het jaar overlast van vliegen. Helaas is er geen eenduidige oorzaak of specifieke bron vast te stellen, en daarmee ook geen blijvende oplossing te vinden.
De overlast is complex: vliegen kennen meerdere broed- en voedselplekken, zowel binnen als buiten, en vaak op privéterrein. Hierdoor is het moeilijk om gericht te bestrijden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld ratten of wespen, die een duidelijk nest of locatie hebben, verspreiden vliegen zich over een groter gebied. Dit bemoeilijkt het beperken van vliegenoverlast.
Eikenprocessierups
In het voorjaar verschijnt de eikenprocessierups weer. De eikenprocessierups is de larve van een nachtvlinder die haar eitjes legt in de toppen van eikenbomen. Daar overwinteren ze. Eind april komen de rupsen uit de eitjes. Dit jaar wordt begin mei gestart met de bestrijding.
Monitoring
Door goed te monitoren willen we vaststellen of en hoeveel eipakketten van de eikenprocessierups aanwezig zijn. Dit gebeurt door een extern bedrijf tijdens de aanloopfase, de bestrijding en na afloop. De monitoring van de eipakketten vindt op verschillende plekken plaats om zo een compleet beeld te krijgen van de te verwachten overlast binnen onze gemeente.
Bestrijding met trekker
Wij beheersen de eikenprocessierups door vroegtijdige bespuiting met een biologisch middel. Dit doen wij met onze eigen trekker waaraan een spuitinstallatie is bevestigd. De bespuiting moet in een kort tijdbestek worden uitgevoerd, want de rupsen komen tussen half april en begin mei uit de eitjes. Daarom bestrijden wij van 06.00 in de ochtend tot 21.00 in de avond. Als het nodig is, doen we dit ook in het weekend.
Vervolg proeven
De bestrijding van de eikenprocessierups is succesvol en wordt met een biologisch middel gedaan. Maar het heeft ook een groot nadeel: niet alleen eikenprocessenrupsen gaan dood, maar ook de andere rupsen die van het blad eten. En dat zijn er veel. De bestrijding heeft dus grote gevolgen voor tal van rupsen en daarmee ook voor vogels en vleermuizen. We kunnen daarom niet eeuwig doorgaan met spuiten.
De laatste jaren zetten we steeds nadrukkelijker in op het herstel van de biodiversiteit in onze gemeente. We hopen zo ook de natuurlijke vijanden van processierupsen (en ook bladluizen) te helpen, zodat we langzaam maar zeker steeds minder hoeven te spuiten. Dat gaat uiteraard niet in één keer. Daarom zijn we sinds 2021 gestart met enkele proeven waar niet gespoten wordt. Dit hebben we uitgebreid over meerdere locaties.
De ontwikkelingen worden hier heel nauwkeurig gevolgd. En mocht het toch nodig zijn, dan zullen we hier de processierupsen wegzuigen. Dat is veel bewerkelijker dan spuiten, maar heeft verder geen negatieve effecten op andere diersoorten. Aan het eind van het jaar worden de proeven wederom geëvalueerd en beoordeeld.
Feromoonvallen
In de periode 2026 – 2028 monitoren we de vluchten van de eikenprocessierups-vlinder door het plaatsen van feromoonvallen om zo de plaagdruk in verschillende gebieden in kaart te krijgen. Dit gebeurt ook in buurgemeenten waardoor er een compleet beeld ontstaat. Uiteindelijk kunnen wij met deze informatie het beheersen van de eikenprocessierups beter sturen.
Bestrijding op eigen perceel
Heeft u op uw eigen perceel te maken met besmette eikenbomen, dan bent u zelf verantwoordelijk voor de bestrijding. Wij raden u echter sterk af om de rupsen zelf te bestrijden. U kunt het beste een deskundig bedrijf inschakelen.
Meer informatie
Voor meer informatie over de uitvoering van de werkzaamheden kunt u contact opnemen met Pieter Derix, medewerker cultuurtechniek. Hij is bereikbaar via het telefoonnummer 0475 - 85 25 00.