HOME  |  Wonen & Leven  |  Bodembeleid binnen diverse wetten en regelingen

Bodembeleid binnen diverse wetten en regelingen

De uitgangspunten van het meersporenbeleid opgesteld door Beleidsgroep Bodem Limburg (BBL)zijn doorvertaald naar de Nota bodembeheer Maas & Roer.

Op basis van de notitie van BBL heeft de gemeente Maasgouw haar bodemkwaliteitsdoelstellingen bepaald. Met de 2 wettelijke sporen, hergebruik en Wet bodembescherming, wordt een getalsmatige invulling gegeven aan de bodemkwaliteitsdoelstelling. Deze invulling is bovendien dezelfde. De gemeente heeft ervoor gekozen deze bodemkwaliteitsdoelstelling ook te hanteren voor de wettelijke sporen in het kader van de Wet ruimtelijke ordening en de Woningwet. Het uitgangspunt hierbij is dat: indien er geen sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging zijn er geen sanerende maatregelen nodig.

Deze invulling van het meersporenbeleid is schematisch in onderstaande figuur weergegeven.

Stroomschema invulling meersporenbeleid bodembeheer

Bij deze invulling van het meersporenbeleid zit de samenhang enerzijds in de uniforme keuze voor situaties waarbij sanerende maatregelen worden verlangd (geval van ernstige bodemverontreiniging), en anderzijds de uniforme norm die wordt gehanteerd indien sanerende maatregelen nodig zijn.

Bij hergebruik van grond is het nemen van sanerende maatregelen niet aan de orde. Bij hergebruik geldt altijd dat moet worden voldaan aan het Besluit bodemkwaliteit. Dit betekent dat er situaties kunnen zijn waarbij volgens de Wet bodembescherming, in het kader van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of het afwijken van bestemmingsplannen de aanwezige bodemkwaliteit aanvaardbaar wordt geacht, maar bij het toepassen van grond van elders strengere eisen worden gesteld aan de kwaliteit van die grond. Dit omdat de doelstelling van de gemeente is, om op langere termijn de bodemkwaliteit geschikt te maken voor de functie die erop wordt uitgeoefend zonder dat er enige risico’s zijn. Eenzelfde principe hanteert de Wet bodembescherming: zodra er een locatie moet worden gesaneerd, zijn de terugsaneerwaarden strenger dan de maximaal toelaatbare/aanvaardbare waarden.

Meersporenbeleid binnen de gemeente Maasgouw

Zowel binnen het gemeentelijke beleid als het landelijke beleid is er voor gekozen om de aanpak van de bodemverontreiniging te combineren met de ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied; de lokale dynamiek wordt aangegrepen om de bodemkwaliteit waarnodig te verbeteren en geschikt te maken voor het gewenste gebruik. In dit kader is de reikwijdte van de Nota bodembeheer Maas & Roer beperkt tot de zogenaamde situaties waarbij er een maatschappelijke ontwikkeling gepland is die aanleiding is om eisen te stellen aan de bodemkwaliteit. Het gaat hierbij om zogenaamde ‘nieuwe situaties’.

De bodemkwaliteit dient bepaald te worden bij een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of voor het afwijken, bestemmingsplannen, grondverzet en in situaties waarbij gesaneerd moet worden. Door bij al deze procedures dezelfde bodemkwaliteitseisen te stellen, wordt invulling gegeven aan het meersporenbeleid.

Daarnaast is het mogelijk om binnen de regio Maas & Roer de bodemkwaliteitskaart in combinatie met een vooronderzoek conform NEN5725 te gebruiken als bewijsmiddel binnen het meersporenbeleid. Dit betekent dat niet alleen voor grondverzet maar dat onder voorwaarden ook bij omgevingsvergunningen voor het bouwen en/of voor het afwijken of bestemmingsplannen, de bodemkwaliteitskaart in combinatie met een vooronderzoek conform NEN5725 als bewijsmateriaal kan dienen. Deze versoepeling van de onderzoekseisen leidt tot een lastenvermindering voor eenieder die één van deze sporen doorloopt. Tevens kunnen de waarden van de toepassingskaart dienen als terugsaneerwaarden binnen het saneringsspoor uit de Wet bodembescherming. Indien grond wordt toegepast op saneringslocaties (aanvulgrond) kan sprake zijn van een samenloop van bevoegdheden. Dit betekent dat zowel vanuit de Wet bodembescherming als vanuit het Besluit bodemkwaliteit eisen kunnen worden gesteld aan de aanvulgrond. Voor het Besluit bodemkwaliteit waarvoor de gemeenten het bevoegd gezag zijn, gelden de regels uit deze Nota bodembeheer Maas & Roer.